Het Arbeidsconflict, de bedrijfsarts en het Tuchtcollege – deel 1

Dit artikel is het vervolg op de reeks artikelen “Ontslag op staande voet”. Indien u wilt, kunt u onderstaande “inleiding”, het stukje “De corrupte bedrijfsarts en het Tuchtcollege” en de “samenvatting van ontslag op staande voet” overslaan en verder lezen onder het kopje “Het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg”.

Inleiding

Middels de website ”DELOONSLAAF” wordt een poging gedaan u te laten zien dat u in een zeer geraffineerde dictatuur leeft. Het verborgen dictatoriale bewind verschuilt zich daarbij achter het zielloze, verrotte, corrupte en meedogenloze systeem. Het verborgen bewind stuurt de technologische ontwikkelingen en invoering van nieuwe wetgeving zodanig, dat dit dictatoriale bewind middels de centralisatie van macht met de dag krachtiger wordt. Deze dictatuur is zeer doordacht opgezet en de bij het volk van jongs af aan opgelegde propaganda, indoctrinatie, conditionering, misleiding en angst maakt het lastig de dictatuur te doorzien. Bovendien willen veruit de meeste mensen de onzichtbare gevangenis waarin zij leven niet zien. Deze mensen doen liever aan ontkenning. Het ontkennen van andermans problemen en van de uiterst gevaarlijke situatie waarin de mensheid verzeild is geraakt, is immers voor de massa de makkelijkste weg. Bij deze weg laten de mensen zich als makke schapen gewillig leiden door het systeem. Dat er af een toe een schaap uit de kudde verdwijnt en/of de weide met het verstrijken van de tijd kleiner wordt maakt voor de massa niet uit, zolang het eigen hachje maar niet in gevaar lijkt te komen.

Het dictatoriale bewind bestaat uit te weinig individuen om de massa door zichtbare dwang onder controle te houden. Mensen behorend tot het volk, en derhalve niet behorend tot de “club” achter het dictatoriale bewind, kunnen zolang als het duurt een mooie positie toegewezen krijgen in het systeem, indien zij geschikt bevonden zijn voor deze positie. In hoeverre een individu geschikt wordt bevonden voor deze positie in het systeem wordt grotendeels door het onderwijssysteem bepaald. Zogenaamd goed te conditioneren individuen worden als schijnbaar “intelligent” beschouwd, waarbij de betere leerlingen uit de klas doorgaans een universitaire studie succesvol weten af te ronden. Een universitaire titel is niets anders dan het bewijs, dat het individu succesvol is geconditioneerd om als loonslaaf een functie te kunnen vervullen in het zielloze systeem.

Met het behalen van een diploma heeft het individu niet alleen laten zien dat het zich succesvol heeft laten conditioneren, maar ook dat het gehoorzaam is aan het systeem. Dit systeem kan enkel in stand worden gehouden door gehoorzame, geconditioneerde en voornamelijk zielloze individuen, die er alles aan doen hun eigen positie te beschermen en te behouden. Overigens zal dit niet lang meer duren, omdat feitelijk bijna alle functies in het huidige systeem door kunstmatige intelligentie en/of robots kunnen worden vervangen. Dit proces is in sneltreinvaart aan de gang, terwijl individuen juist een functie in het systeem moeten zien te bemachtigen om een “eervol” en prettig leven te kunnen leiden. De succesvol geconditioneerde individuen maken door hun bijdrage het systeem met de dag krachtiger, zodat er ook voor hen in de toekomst geen plaats meer is en ook zij op den duur zijn overgeleverd aan de machthebbers.

Naarmate een individu een betere of hogere positie in het systeem heeft weten te bemachtigen, zal het met meer leugens, bedrog en corruptie te maken krijgen. In Nederland zijn de witte boorden voor het grootste deel verantwoordelijk voor deze wantoestanden. Een uitkeringstrekker of dakloze heeft simpelweg de mogelijkheden niet om zich grootschalig met bedrog en corruptie bezig te houden, terwijl de witte boorden deze mogelijkheden wel hebben. De witte boorden houden hierbij elkaar bijna altijd de hand boven het hoofd. Nederland is daarom niets anders dan een zeer geraffineerde dictatuur, waar het proletariaat door de heersende klasse wordt uitgebuit, bestolen en bedrogen. Deze website heeft ten doel u hierop te attenderen aan de hand van de avonturen van René Mäkel. René Mäkel hoopt dat u gaat doorzien dat u slapende bent en daardoor in onwetendheid in een sprookje hebt geloofd dat bijna ten einde is gekomen. Het is dan ook hoog tijd dat u actief aan het werk gaat om wakker te worden en actief meehelpt het systeem buitenspel te zetten.

De corrupte bedrijfsarts en het Tuchtcollege

De schrijfstijl van dit artikel gaat verder in de “ik vorm” (eerste persoon enkelvoud). Over de schrijfstijl kunt u in het artikel “Over de schrijfstijl” meer lezen.

Reeds bij de geboorte wordt door het systeem nagenoeg alle rechten in onwetendheid van de toekomstige loonslaven ontnomen en krijgen zij in plaats daarvoor op papier schijnbaar heel veel rechten (terug). In de praktijk blijkt dit helaas anders uit te pakken. Tijdens mijn conditionering als loonslaaf werd mij nooit op mijn rechten als loonslaaf gewezen. Op zich is dit alleen al achteraf gezien vreemd, daar iedere staatsburger nog altijd wordt geacht de wet te kennen en te gehoorzamen. Helaas is de wetgeving met opzet zo ingewikkeld mogelijk gemaakt, zodat de wetboeken voor de meeste mensen niet te lezen zijn. Wil een loonslaaf kans maken om zijn recht te kunnen halen, dan zal deze bovendien procedures moeten volgen die eveneens zo ingewikkeld mogelijk zijn gemaakt. Daarbij is men meestal verplicht een kostbare advocaat in te schakelen, die voor mensen uit het volk niet te betalen is. Daarnaast is het niet ongewoon dat procedures jaren in beslag kunnen nemen met het doel de rechtsgang te frustreren. Velen geven dan ook op of beginnen er niet aan.

Naast dat de wetgeving ingewikkeld is, is door de ver doorgevoerde specialisatie van beroepen voor loonslaven in een bepaald vakgebied onduidelijk wat loonslaven in een ander vakgebied voor een werkzaamheden uitvoeren en aan welke regels en wetten zij moeten voldoen. Een voorbeeld hiervan is de bedrijfsarts. Niemand had mij ooit uitgelegd wat de functie was van een bedrijfsarts, terwijl iedere loonslaaf met een bedrijfsarts te maken kan krijgen in geval van ziekte. Overigens geldt hetzelfde voor de arbo arts en de verzekeringsarts. Weet u de verschillen en aan welke regels zij zich dienen te houden?

Ik ben in mijn leven als loonslaaf tot op heden twee keer door mijn toenmalige werkgever doorverwezen naar een bedrijfsarts. In beide gevallen was ik in een zeer ernstig en ver gevorderd arbeidsconflict verzeild geraakt en was ik bovendien ziek van de stress. Beide keren werd ik door de bedrijfsarts zonder bescherming terug aan het werk gestuurd en raakte ik kort daarop mijn baan kwijt op een manier dat volgens de wet en de richtlijnen niet had gemogen. De consequenties waren voor mij desastreus. Destijds was ik niet op de hoogte van de taken van een bedrijfsarts in het geval van een arbeidsconflict. Bovendien was gedurende mijn eerste arbeidsconflict in 2007 op internet nagenoeg niets te vinden over de taken van een bedrijfsarts in het geval van een arbeidsconflict. In 2012 was er al meer te vinden op internet, maar dit was nog altijd zeer beperkt, zodat ik er niets aan had. Bovendien was ik in het heetst van de strijd overspannen, zodat ik niet op mijn gemak en met een helder hoofd kon onderzoeken wat de taken waren van een bedrijfsarts.

Sinds 2016 heb ik mijzelf goed op de hoogte weten te brengen over de taken van een bedrijfsarts en aan welke richtlijnen deze zich dient te houden. Hier was ik beetje bij beetje achter gekomen naar aanleiding van een door mij gevoerde procedure bij het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg tegen de corrupte bedrijfsarts mevrouw Thea Kalteren. Mevrouw Tea Kalteren had mij in de eindfase van een ernstig arbeidsconflict onbeschermd terug aan het werk gestuurd, terwijl ik ook nog eens zwaar overspannen was. Mevrouw Kalteren had de door haar te volgen richtlijnen genegeerd, zodat mijn werkgever van destijds, Elekta (voorheen Nucletron) te Veenendaal, middels afdreiging (een misdrijf) mij zover kon krijgen dat ik voor een luttel bedrag mijn baan opgaf om mijzelf uit mijn vreselijke positie te bevrijden. Hoewel het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg in eerste instantie mijn klachten ongegrond had verklaard en daardoor mevrouw Kalteren had vrijgesproken, had het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg in beroep mevrouw Kalteren een waarschuwing opgelegd. Over de werkwijze van het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg gedurende deze procedure kunt u in de reeks artikelen “Het tweede (!) arbeidsconflict” uitgebreid lezen. Het blijkt dat het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg eveneens een corrupte club is!

Mede doordat ik ten tijde van mijn arbeidsconflicten in 2007 en 2012 niet op de hoogte was van arbodiensten en bedrijfsartsen te volgen richtlijnen in geval van een arbeidsconflict, ben ik twee maal slachtoffer geweest van een corrupte bedrijfsarts. Bij beide arbeidsconflicten was de bedrijfsarts zijn broodheer gewillig en stuurde mij onbeschermd terug “aan het werk”, terwijl duidelijk sprake was van een ernstig geëscaleerd arbeidsconflict, zodat ik nooit terug aan het werk gestuurd had mogen worden.

Net als in 2012 was in 2007 het arbeidsconflict ontstaan, doordat mijn werkgever van destijds, Von Gahlen te Zevenaar, zich niet aan de regels had gehouden. Daarbij hield Von Gahlen zich tijdens het arbeidsconflict ook niet aan wet- en regelgeving en misbruikte de positie van de bedrijfsarts om mij op een financieel voordelige manier weg te kunnen werken. Wanneer ik de verhalen van andere loonslaven om mij heen hoor, dan zijn dagelijks grote getallen loonslaven het slachtoffer van bedrijfsartsen, die zich in het geval van een arbeidsconflict niet aan de richtlijnen houden! Het wordt tijd dat deze corruptie een halt toegeroepen wordt!

Wellicht verkeert u nog in de veronderstelling, dat een corrupte bedrijfsarts kan worden aangepakt middels het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg. Indien u de moeite hebt genomen over de tuchtrechtelijke procedure tegen mevrouw Kalteren te lezen, dan kunt u niet anders dan met u gezond verstand concluderen dat het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg een wassen neus is. Om deze conclusie te bevestigen, kunt u hieronder lezen over de procedure tegen de corrupte bedrijfsarts Cees Everaert, die in dienst is bij de Arbo Unie. De Arbo Unie is daardoor eveneens een corrupte club!

De heer Everaert was in 2007 de bedrijfsarts die mij ontving op het spreekuurbezoek dat was aangevraagd door mijn werkgever van destijds: Von Gahlen te Zevenaar. Ik had mij ziek gemeld naar aanleiding van een langdurig arbeidsconflict. Mijn ziekmelding was de enige manier om mij te beschermen tegen een werkgever, die wet- en regelgeving aan zijn laars lapte, terwijl mijn gezondheid daaronder leed. Von Gahlen ondernam niets om het arbeidsconflict op te lossen. Een uitgebreide omschrijving van dit avontuur kunt u lezen in de reeks artikelen “Ontslag op staande voet”.

Hieronder wordt verslag gedaan van de procedure tegen de bedrijfsarts heer Cees Everaert, die ik in april 2017 was gestart bij het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg. Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te Zwolle had in haar beslissing van 15 december 2017 mijn klachten ongegrond verklaard en afgewezen. Natuurlijk ben ik in beroep gegaan tegen deze beslissing bij het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te Den Haag. De gang van zaken tot op heden en de “onderbouwing” van de beslissing laten wederom zien dat het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg een wassen neus is. Indien u dit artikel eveneens aandachtig hebt gelezen, kunt u niet anders dan de conclusie trekken dat het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg u het idee moet geven dat u in een rechtsstaat leeft, maar dat dit geenszins het geval is!

Samenvatting van “Ontslag op staande voet”

Voor de volledigheid kunt u hieronder een korte samenvatting lezen van het arbeidsconflict, het spreekuurbezoek aan de heer Cees Everaert en mijn ontslag op staande voet in 2007:

In 2005 kwam ik als tekenaar/constructeur in dienst bij Von Gahlen te Zevenaar. Het bleek dat Von Gahlen een familiebedrijf was, dat sinds enkele jaren door een veranderende vraag vanuit de markt steeds meer zelf grootschalige technische projecten op een specifiek gebied was gaan aanbieden. Dit waren zij van oudsher niet gewend. De organisatie was dan ook niet goed ingericht om deze technische projecten uit te voeren, mede doordat de directie zelf niet technisch was. Ten gevolge van de vele organisatorische problemen, hadden op de tekenkamer dan ook op een gegeven moment 3 van de 5 tekenaars/constructeurs RSI klachten. Zelf had ik op een gegeven moment ook last van RSI klachten, waardoor ik mijn werk enige tijd niet kon doen. Een van de problemen was, dat het personeel als werkvolk werd gezien en behandeld, waarmee niet werd overlegd. Problemen werden dan ook doorgaans niet door de directie gehoord, laat staan dat deze problemen door de directie werden erkend en aangepakt.

Eind 2005 werd de tekenkamer uitgebreid door een aangrenzende ruimte erbij te betrekken. Bij de oplevering was geen mechanische ventilatie aangelegd, terwijl dit volgens de verleende bouwvergunning wel had gemoeten. Dit was voor het personeel op de tekenkamer geen probleem, daar het personeel voor luchtverversing ramen open kon zetten. Nadat voor de tweede keer in korte tijd na de verbouwing een snelkraak op de tekenkamer was gepleegd, diende Von Gahlen op last van de verzekeringsmaatschappij maatregelen te treffen om herhaling van een snelkraak te voorkomen. Begin 2006 werden de ramen vastgeschroefd, zodat deze niet meer open konden. Tevens werd aan de binnenzijde tralies aangebracht. Het personeel op de tekenkamer had geprotesteerd tegen deze beslissing, maar de directie luisterde hier niet naar en vertelde dat deze oplossing slechts tijdelijk was.

Tekenkamer tralies 1

Nadat in oktober 2007 in korte tijd een tweede nieuwe tekenaar op de tekenkamer werd geplaatst, kreeg ik gedurende de dag klachten, zoals sufheid, vermoeidheid en hoofdpijn. Voor mij was het duidelijk dat mijn klachten het gevolg waren van de zeer gebrekkige ventilatiemogelijkheden en het nog altijd ontbreken van mechanische ventilatie. Omdat ik de enige werknemer op de tekenkamer was met gezondheidsklachten, werden mijn klachten niet serieus genomen. Mijn klachten werden zelfs door de directie genegeerd! Omdat voor mij een onwerkbare situatie was ontstaan door nalatigheid van de directie zelf, kon ik niet anders dan middels een email van 22 oktober 2007 de directie een ultimatum stellen om voor mij een gezonde werkomgeving af te dwingen. Ik had mij in de datum van mijn eigen ultimatum had vergist, maar dat maakte op zich weinig uit. Na twee dagen kwam ik ’s ochtends op mijn werk en het bleek dat ik nog geen enkele reactie op mijn email had gekregen. Vervolgens meldde ik mij per direct ziek en heb daarop het pand verlaten. Mijn ziekmelding werd niet door de directie geaccepteerd (mocht niet volgens de wet) en ik werd dan ook telefonisch gesommeerd per direct mijn werkzaamheden te hervatten. Dit had ik geweigerd.

Omdat Von Gahlen mijn ziekmelding niet had geaccepteerd, vond op donderdag 25 oktober 2007 een gesprek plaats tussen Von Gahlen en mij. Overigens had dit gesprek niet mogen plaatsvinden en had de directie na mijn ziekmelding een bedrijfsarts moeten inschakelen, indien men van mening was dat ik mij onterecht ziek had gemeld. Tijdens het gesprek werd mij bevestigd, dat de directie (de zoon van de directeur) mij geen andere werkplek wilde aanbieden en ik weigerde op mijn bestaande werkplek onder dezelfde omstandigheden aan het werk te gaan. Er werd afgesproken dat ik die middag de bedrijfsarts de heer Cees Everaert (in dienst van de Arbo Unie) zou bezoeken, die zou moeten gaan bepalen of ik ziek was of niet.

Ik heb netjes mijn verhaal bij de heer Everaert kunnen doen. Het was hem duidelijk dat het arbeidsconflict inmiddels zover was geëscaleerd, dat ik weigerde op mijn ziekmakende werkplek aan het werk te gaan. Naar aanleiding van het spreekuurbezoek gaf hij aan mij zijn spreekuurrapportage waarin samengevat stond, dat er geen medische grond was om te blijven verzuimen, zodat ik weer aan het werk diende te gaan. Tevens adviseerde hij mediation, omdat er een arbeidsconflict zou kunnen ontstaan.

Destijds was ik niet geheel op de hoogte van de functie van een bedrijfsarts en helemaal niet van de rol van een bedrijfsarts bij een arbeidsconflict. Ik vond destijds de inhoud van de spreekuurrapportage van de heer Everaert onlogisch en was het dan ook niet mee eens.

Naar aanleiding van het spreekuurbezoek en het advies van de heer Everaert had Von Gahlen diverse malen geëist, dat ik weer op mijn werkplek onder dezelfde (ziekmakende) omstandigheden aan het werk zou moeten gaan. Von Gahlen stond niet open voor overleg. Omdat ik weigerde op mijn bestaande werkplek onder dezelfde omstandigheden aan het werk te gaan, werd mijn loon ingehouden. Het door de bedrijfsarts gegeven advies voor mediation werd door Von Gahlen niet opgevolgd.

Het onderzoek naar de luchtkwaliteit op mijn werkplek werd buiten mijn medeweten op 14 november 2007 uitgevoerd door de heer André Winkes, arbeidshygiënist in dienst van de Arbo Unie en dus een collega van de heer Everaert. Dit onderzoek was niet representatief voor de situatie op de tekenkamer waaronder ik mijn werkzaamheden verrichtte. Tijdens dit onderzoek waren drie deuren naar aangrenzende ruimtes geopend, terwijl deze deuren normaal gesproken op last van de directie dicht zouden moeten zitten. Bovendien was ik niet aanwezig, zodat de bezetting ook niet maximaal was. Toch werd de slechtste luchtkwaliteit op mijn werkplek gemeten, terwijl daar niemand aan het werk was! In het onderzoek werd ook geen melding gemaakt op welke wijze de ventilatie op de tekenkamer plaatsvond. Hierdoor werd geen melding gemaakt dat de bestaande ventilatie volgens de wettelijke voorschriften ontoereikend was. De conclusie van het onderzoek was, dat de luchtkwaliteit op de tekenkamer geen oorzaak kon zijn voor mijn klachten.

Op 7 november 2007 ontving ik van het UWV een brief waarin stond dat mijn aanvraag voor een second opinion niet in behandeling werd genomen, omdat er geen geschil zou zijn over mijn ongeschiktheid tot werken. Hierop heb ik telefonisch protest ingediend en werd alsnog mijn aanvraag door het UWV in behandeling genomen. Hoe mijn second opinion door het UWV was behandeld kunt u lezen in de reeks artikelen “De “dienstverlening” van het UWV“.

Op maandag 12 november 2007 had ik voor de derde keer gehoor gegeven aan de oproep van Von Gahlen om op mijn werk te verschijnen. Ik wachtte wederom in de hal. Na verloop van tijd werd ik door Jaap Duiker opgehaald om een gesprek te voeren, dat volgens hem niet lang zou duren. Het gesprek begon meteen met de eis, dat ik op mijn bestaande werkplek aan het werk diende te gaan. Ik weigerde op mijn bestaande werkplek aan het werk te gaan. Meteen daarop werd ik op staande voet ontslagen. Hierop heb ik het pand verlaten. Mediation, overleg of het aanbieden van een andere werkplek waren in het gesprek niet aan de orde geweest. Er werd mij ook niet verteld, dat er een onderzoek naar de luchtkwaliteit op de tekenkamer was geweest.

Het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg

Nadat ik in 2015 een tuchtrechtelijke procedure was gestart bij het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg tegen de corrupte bedrijfsarts mevrouw Thea Kalteren, had ik gedurende deze procedure heel veel geleerd over de te vervullen rol van een bedrijfsarts in het geval van een arbeidsconflict. Eenvoudig gezegd heeft de bedrijfsarts de taak de werknemer in het geval van een arbeidsconflict te beschermen. Verder is de bedrijfsarts procesbegeleider gedurende het arbeidsconflict en dient daarbij richtlijnen te volgen. De bedrijfsarts dient zelfs vast te leggen, hoe het arbeidsconflict uiteindelijk is opgelost.

Zowel gedurende mijn arbeidsconflict bij Elekta (voorheen Nucletron) te Veenendaal in 2012, als bij mijn arbeidsconflict in 2007 bij Von Gahlen te Zevenaar, misdroegen beide werkgevers zich jegens mij en lapten daarbij wet- en regelgeving aan hun laars. In beide gevallen had de ingeschakelde bedrijfsarts zich niet aan de richtlijnen gehouden en mij onbeschermd teruggestuurd naar mijn werkgever, zodat deze door kon gaan zich jegens mij te misdragen. Ik heb veel verhalen gehoord van (en over) werknemers, die in een arbeidsconflict verzeild waren geraakt en daarbij op een gemene en oneerlijke manier hun baan waren kwijtgeraakt. Het bleek dat de ingeschakelde bedrijfsarts bij deze werknemers steevast niet de richtlijnen had gevolgd, zodat ook deze werknemers het slachtoffer waren van corrupte bedrijfsartsen. Dat de bedrijfsartsen de regels zo makkelijk konden negeren, had te maken met dat de werknemers niets wisten over de rol van een arbo dienstverlener en/of een bedrijfsarts bij een arbeidsconflict. Daarbij waren de werknemers moegestreden, zodat ze een makkelijk slachtoffer waren. Ik kan dan ook niet anders dan de conclusie trekken, dat bedrijfsartsen in Nederland in het geval van een arbeidsconflict massaal corrupt zijn om hun broodheer gedienstig te zijn. Hierbij zijn voornamelijk werknemers het slachtoffer, die niet tot de witte boorden behoren.

Ik ben dus twee maal slachtoffer geweest van zich jegens mij misdragende werkgevers, die bij het door hen veroorzaakte arbeidsconflict een corrupte bedrijfsarts bereid hadden gevonden om mij te helpen weg te werken. De bedrijfsartsen deden dit door mij in het ongewisse te laten over hun rol bij een arbeidsconflict en mij onbeschermd terug te sturen naar een werkgever die zich jegens mij misdroeg, terwijl zij mij volgens de richtlijnen in bescherming hadden moeten nemen.

In de reeks artikelen “Het tweede (!) arbeidsconflict” kunt u lezen over de procedure bij het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg tegen de corrupte bedrijfsarts mevrouw Thea Kalteren. In deze reeks artikelen kwam ik reeds tot de conclusie, dat het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg een wassen neus was! Niet alleen bij de procedure tegen mevrouw Kalteren had het Tuchtcollege de rechtsgang gefrustreerd, maar ook bij een procedure, die ik in april 2017 was begonnen tegen de corrupte bedrijfsarts Cees Everaert, blijkt dat het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg verre van integer is. Dat het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg een bij een arbeidsconflict door een bedrijfsarts gedupeerde werknemer nooit gelijk zal geven, zal u bij het verder lezen duidelijk worden.

De aristocratie had bij het opzetten en verder uitbreiden van het rechtssysteem nooit de intentie gehad, dat benadeelde loonslaven behorend tot het proletariaat middels het rechtssysteem massaal hun recht zouden kunnen halen. Het rechtssysteem is dan ook een illusie en dient enkel de agenda van de aristocratie. In mijn geval, dat ik bij twee afzonderlijke arbeidsconflicten bij verschillende werkgevers en corrupte bedrijfsartsen ernstig was benadeeld, was het niet de bedoeling, dat ik jaren later alsnog mijn recht zou halen. Het was zelfs nooit de bedoeling geweest, dat een slachtoffer van een corrupte bedrijfsarts deze bedrijfsarts zou gaan aanpakken via het Tuchtcollege. Wanneer tijdens een arbeidsconflict een door een bedrijfsarts gedupeerde werknemer jaren later alsnog zijn recht zou kunnen halen middels het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg, dan zou dit precedentwerking tot gevolg hebben, zodat vele in het verleden gedupeerde werknemers eveneens hun recht zouden willen gaan halen. Gezien de mijns inziens massaal toegenomen corruptie van bedrijfsartsen bij arbeidsconflicten in de afgelopen jaren, probeert het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg dan ook middels censuur, leugens en bedrog de beerput gesloten te houden. De tijd zal het leren of dat gaat lukken.

Indien een werknemer op de hoogte zou zijn geweest van zijn rechten en plichten gedurende een arbeidsconflict en daarbij tevens op de hoogte zou zijn geweest van de rol van de bedrijfsarts, dan zou de betreffende bedrijfsarts zich nooit hebben durven misdragen. Het handelen van de bedrijfsarts zou immers door diezelfde bedrijfsarts in het medisch dossier moeten worden vastgelegd. Dit dossier dient volgens de WGBO vijftien jaar te worden bewaard en een bedrijfsarts (net als iedere BIG geregistreerde zorgverlener) dient dit dossier te overleggen in het geval van een procedure bij het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg. Dit betekent, dat een gedupeerde werknemer de bewijslast tegen een corrupte bedrijfsarts eenvoudig rond zou kunnen krijgen en tien jaar de tijd zou hebben om een zaak tegen betreffende bedrijfsarts te beginnen bij het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg.

Een bij een arbeidsconflict ingeschakelde corrupte bedrijfsarts (of arbo dienstverlener) weet al snel of de werknemer op de hoogte is van de rol van de bedrijfsarts bij dit arbeidsconflict. In veruit de meeste gevallen weet de werknemer niets over de te vervullen rol van de bedrijfsarts. Indien de corrupte bedrijfsarts succesvol de werknemer benadeelt, door deze onbeschermd terug aan het werk te sturen, dan zal deze benadeelde werknemer doorgaans ook na het verliezen van zijn baan zichzelf niet op de hoogte kunnen brengen over de rol van een bedrijfsarts in het geval van een arbeidsconflict. Gelukkig is de laatste jaren steeds meer te vinden op internet over de rol van een bedrijfsarts of arbo dienstverlener in het geval van een arbeidsconflict. In 2007 en 2012 was hierover nagenoeg niets te vinden op internet. Het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg zal er in ieder geval alles aan doen de deksel op de beerput te houden.

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s