Het tweede (!) arbeidsconflict – deel 5

Met het openbaar maken van mijn avonturen in het systeem, hoop ik u te laten zien dat u in een uitermate geraffineerde en daardoor openlijk verborgen dictatuur leeft. In deze dictatuur zijn vrijheid, democratie en recht slechts een illusie… een leugen. U bent niet vrij, want uw leven wordt volledig bepaald en ingericht door het systeem, waarin u van jongs af aan in onwetendheid gedwongen werd een positie in te nemen. U hebt nooit om het huidige systeem gevraagd. Door middel van conditionering, indoctrinatie, propaganda, democratie en rechtspraak wil de aristocratie u doen laten geloven dat de mensen collectief (dus u ook) voor dit systeem hebben gekozen. De waarheid is, dat geen enkel mens behorende tot het volk voor dit systeem heeft gekozen.

In het avontuur aangaande mijn tweede arbeidsconflict kunt u lezen, dat het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg een wassen neus is. Indien u mocht denken, dat ik aan de hand van één zaak daarover nooit een uitspraak kan doen, dan is het wellicht handig te weten, dat ik twee zaken volledig heb uitgespeeld en op moment van dit schrijven nog twee zaken heb lopen. Totaal zijn dit vier zaken! Daarbij zal ik aan de hand van de zaak over het tweede arbeidsconflict aantonen, dat het Tuchtcollege opzettelijk haar werk niet naar behoren doet. Het Tuchtcollege negeerde in mijn geval niet alleen een groot aantal feiten, maar had tevens twee maal een opzettelijk een foute uitspraak (beslissing) gedaan. Dit zou niet zo mogen zijn, temeer omdat de voorzitters bij de Tuchtcolleges voor de Gezondheidszorg rechters zijn. Om u te laten zien dat het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg een wassen neus is, zult u de uitgebreide uitleg met citaten in deze reeks artikelen aandachtig moeten lezen. In de reguliere media zullen ze u dit nooit laten zien, omdat u in de collectieve leugen moet blijven geloven, dat op een eerlijke en integere manier recht wordt gesproken in dit land.

U kunt dit artikel of deze website negeren met als motivatie, dat u toch niet bij machte bent het huidige systeem te veranderen. De aristocratie wil graag dat u in uw onmacht blijft geloven en daardoor noodgedwongen het systeem passief en actief blijft steunen tot op het moment dat u (of uw nageslacht) werkelijk niets meer te vertellen hebt. Vanaf dit moment hebt u geen enkele zeggenschap meer om uw leven vorm en richting te geven en is de dictatuur vervolmaakt. Om te kunnen overleven, bent u dan compleet afhankelijk geworden van het door de aristocratie gecontroleerde systeem. In dit systeem zullen uw zogenaamde rechten door wetgeving voor u zijn bepaald, die als vervanging dienen voor de rechten, die u reeds bij uw geboorte waren ontnomen.

SAMENVATTING DEEL 1 T/M 4

In de delen 1 t/m 4 hebt u kunnen lezen dat ik voor de tweede keer in mijn leven in een ernstig arbeidsconflict verzeild was geraakt en hoe de bedrijfsarts mevrouw Thea Kalteren daarbij haar rol vervulde. Vervolgens hebt u uitgebreid kunnen lezen hoe ik haar dubieuze rol aanhangig had gemaakt bij het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te Zwolle. Bij beide arbeidsconflicten raakte ik mijn baan kwijt en leed mijn gezondheid ernstige schade. Bij mijn tweede arbeidsconflict had ik niet in detail de ontstaansgeschiedenis van mijn arbeidsconflict beschreven, waarbij mijn werkgever doelbewust en met opzet mij ziek, overspannen en weerloos had gemaakt. Het hoe en waarom van mijn tweede arbeidsconflict wordt nog uitgebreid met naam en toenaam in een andere reeks te plaatsen artikelen beschreven.

Voordat mijn beroep tegen de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te Zwolle in een volgend artikel uitgebreid onder de loep wordt genomen, kunt u hieronder samengevat lezen over de ontstaansgeschiedenis van mijn arbeidsconflict en de dubieuze rol die mevrouw Kalteren bij het beëindigen van mijn arbeidsovereenkomst had vervuld.

Mijn werkgever had volgens de wet succesvol jegens mij meerdere misdrijven gepleegd, waaronder (geestelijke) mishandeling en afdreiging. Mijn werkgever durfde destijds deze misdrijven jegens mij en andere werknemers te begaan, omdat hij uit ervaring wist, dat hij er niet alleen mee weg zou komen, maar dat daarbij de kans uitermate klein zou zijn, dat de gedupeerde werknemer uiteindelijk zijn recht zou halen in het systeem. Dat het de gedupeerde werknemer achteraf niet zou lukken zijn recht te halen, had onder meer te maken met in de arbeidsovereenkomst voor de werknemer vastgelegde plicht tot geheimhouding op “alle bedrijfsactiviteiten”, de angst van collega’s voor hun positie en het feit dat witte boorden elkaar over het algemeen de hand boven het hoofd houden ten koste van het proletariaat. Het moge duidelijk zijn, dat ik een proletariër ben.

Mijn tweede arbeidsconflict was ontstaan ten gevolge van een bedrijfsovername. Ik kwam als enige werknemer van een bepaalde afdeling van het overgenomen bedrijf op een soortgelijke afdeling bij mijn nieuwe werkgever te werken. Het bleek dat de bedrijfsprocessen te verschillend waren om voor mij te kunnen aansluiten. De gebruikte software om de apparatuur te ontwerpen en om de procedures te kunnen uitvoeren waren verschillend. Ik diende met de software van mijn voormalige werkgever de tekortkomingen en fouten in de reeds ontworpen en verkochte apparatuur van mijn vorige werkgever te herstellen, maar diende daarbij wel te werken volgens de werkwijze en procedures van mijn nieuwe werkgever. Het lukte mij niet om mijn nieuwe manager duidelijk te maken dat ik dit niet kon. Uitgebreide e-mails van mij aan mijn nieuwe manager, waarin ik mijn situatie probeerde uit te leggen, werden al snel genegeerd. Bovendien hield mijn nieuwe werkgever er verouderde bedrijfsprocessen op na. Hierdoor waren de werknemers wel heel flexibel, maar verrichten zij uiteindelijk zeer inefficiënt hun werkzaamheden. Eenvoudig gezegd werkte ik met een moderne kettingzaag, terwijl mijn nieuwe collega’s nog altijd met een hakbijl werkten. Zowel de kettingzaag als de hakbijlen zaten afzonderlijk verpakt in een rode gereedschapskist, zodat de managers aan de hand van de identieke gereedschapskisten in hun onwetendheid dachten te weten, dat ik met mijn gereedschap op dezelfde manier zou kunnen werken.

Omdat ik niet kon aansluiten op de chaotische werkwijze van mijn nieuwe werkgever en ik tevens niet kon voldoen aan de verwachtingen van de andere afdelingen werkvoorbereiding en productie, vonden niet alleen de manager van mijn afdeling mij vervelend, maar ook de managers van werkvoorbereiding en productie. Zij deden hun werk immers al zo’n twintig jaar op een bepaalde manier en er werd van mij verwacht dat ik ook op die manier mijn werk zou aanleveren.

Blijkbaar was het ook de directie opgevallen, dat mijn manager niet voldeed en kreeg de afdeling waarop ik werkte per 1 januari 2011een nieuwe manager. Natuurlijk had ik op eigen initiatief geprobeerd de nieuwe manager mijn vervelende positie uit te leggen, maar helaas weerhield zijn ego hem ervan de nieuwe informatie tot zich te nemen, want hij wist immers alles al. Helaas vond ook hij mij snel een lastige werknemer, dat natuurlijk werd bevestigd door de vorige manager. Hoewel deze vorige manager buitenspel was gezet, werkte hij nog altijd bij de onderneming. Na verloop van tijd besloot de nieuwe manager mij door pesterijen het werken onmogelijk te maken met het doel mij weg te werken. Hoewel ik direct na de overname al in een onmogelijke positie terecht was gekomen en dit veel stress met zich meebracht, werden de pesterijen van de nieuwe manager, die werden ondersteund door personeelszaken, mij een gegeven moment te veel.

Binnen enkele dagen gingen de veranderingen bij mij onverwacht snel en voelde ik, dat ik de situatie niet meer het hoofd kon bieden. Mijn lichaam begon diverse mankementen te vertonen en ik sliep nauwelijks. Om mijn gezondheid te redden, diende ik de handdoek in de ring te gooien en meldde mij op 25 juli 2012 ziek. Dit ziekmelden was te verwachten, want volgens de richtlijn voor huisartsen, psychologen en bedrijfsartsen “Eén lijn in de eerste lijn bij overspanning en burnout” staat in paragraaf 3.4:

“Echter als de stresshantering tekort schiet om het evenwicht te herstellen (falende coping) en de persoon weet niet meer wat te doen (demoralisatie) ontstaat er controleverlies en is de persoon de grip op de situatie kwijt. Dan neemt de distress flink toe en rest de persoon in kwestie geen andere optie meer dan het op te geven. Bij dat opgeven stopt de persoon met verdere pogingen om de stressor(en) het hoofd te bieden, laat belangrijke sociale rollen vallen, meldt zich ziek en trekt zich terug.”

{…}

“Het specifieke van overspanning/burnout is gelegen in het controleverlies en het opgeven

van verdere pogingen om de stressor(en) het hoofd te bieden.”

In de richtlijn STECR Werkwijzer Arbeidsconflicten, die is geschreven voor bedrijfsartsen, verzekeringsartsen en personeelszaken, staat beschreven hoe men dient te handelen in het geval van een arbeidsconflict. In mijn geval in 2012 was versie 5 van toepassing, waarin staat:

“Bij verzuim door psychische klachten staat controleverlies centraal.”

Mijn werkgever wist uit ervaring dat ik mijn situatie op een gegeven moment niet meer aan zou kunnen en had geduldig op mijn ziekmelding gewacht. Na mijn ziekmelding kreeg ik dan ook volgens plan zowel een aangetekende brief als een email toegestuurd, waarin personeelszaken had aangegeven, dat mijn ziekmelding niet werd geaccepteerd en ik werd uitgenodigd voor een “gesprek”. Dit gesprek zou worden gevoerd op het kantoor bij personeelszaken in aanwezigheid van mijn manager. Personeelszaken had mij nooit mogen “uitnodigen” voor dit gesprek. In artikel 14, lid 1, sub b van de Arbeidsomstandighedenwet is opgenomen dat de werkgever de plicht heeft om zich voor een aantal taken te laten bijstaan door deskundigen, waaronder het inroepen van deskundige bijstand wanneer een werknemer door ziekte niet in staat is zijn werk uit te voeren. In mijn geval betekende dit dat personeelszaken na mijn ziekmelding een bedrijfsarts had moeten inschakelen. Natuurlijk was ik destijds niet op de hoogte van mijn rechten en de wijze waarop de procedures in geval van een arbeidsconflict dienden te worden toegepast.

Op dinsdag 31 juli 2012 had ik het gesprek met personeelszaken. Het doel van dit gesprek werd mij snel duidelijk. Omdat ik nauwelijks meer weerbaar was, werd mij meteen “aangeboden” middels een vaststellingsovereenkomst voor een luttel bedrag mijn arbeidsovereenkomst te beëindigen. Er werd mij tevens verteld, dat ik tot uiterlijk vrijdag diezelfde week de tijd had om te kunnen reageren op het “aanbod”. Omdat ik in het volgende gesprek die vrijdag het “aanbod” niet had geaccepteerd, diende ik op dinsdag 7 augustus 2012 een door personeelszaken ingeschakelde bedrijfsarts te bezoeken: Thea Kalteren.

Volgens mijn versie, duurde het spreekuurbezoek bij mevrouw Kalteren maximaal drie minuten en had zij mij haar conclusies niet verteld. Op 9 augustus 2012 had ik wederom een gesprek met personeelszaken. De manager van personeelszaken vertelde zowel spottend als met grote minachting dat ik niet ziek was en daarom weer aan het werk diende te gaan. Na aandringen kreeg ik een kopie van het schriftelijke advies, dat door mevrouw kalteren was gegeven:

Bedrijfsartsen-flex

 Conclusie :Hij heeft zich ziek gemeld na toegenomen spanning op het werk waar hij mentaal last van had

 Arbeidsgeschiktheid: De werk situatie   levert hem veel stress en spanning op Er is al wel over gesproken maar tot heden is er geen adequate voor alle partijen bevredigende oplossing gekomen

Reintegratiedoel: werkhervatting

Benutbare mogelijkheden: Ik acht hem niet arbeidsongeschikt door ziekte Hij kan werk doen maar er zal wel met werkgever tot een adequate oplossing gekomen moeten worden

Beperking: Hij heeft reactieve emoties veroorzaakt door de werksituatie

Arbeidsgerelateerd: ja

Aanvullende info: Stecr werkwijze is toegepast

Bedrijfsarts: T Kalteren

Natuurlijk was ik het niet eens met de inhoud van het spreekuurverslag. Na wat getouwtrek kwamen personeelszaken en ik overeen, dat ik vrije dagen zou opnemen teneinde een advocaat te kunnen raadplegen. Ik kon eigenlijk de strijd niet meer aan, maar gezien het misdadige gedrag van mijn werkgever wilde ik mij niet zomaar gewonnen geven.

Achteraf bleek de door mij geraadpleegde advocaat niet ter zake kundig. Hij was niet op de hoogte over de toe te passen richtlijnen in geval van een arbeidsconflict en het te volgen tweede spoor (outplacement bij een andere werkgever) bij een verstoorde arbeidsrelatie. Helaas adviseerde hij mij de onmenselijke opgave om weer aan het werk te gaan, zodat mijn werkgever een probleem had en ik daardoor een hogere ontslagvergoeding kon afdwingen. Het gevolg was dat bij het volgende gesprek met personeelszaken op 16 augustus 2012 personeelszaken en ik “overeen kwamen”, dat mijn arbeidsovereenkomst zou worden beëindigd meet in acht name van de wettelijke opzegtermijn. Hierdoor verloor ik mijn baan, terwijl ik overspannen en ziek was.

In 2015 had ik mijn gezondheid nog altijd niet op de rit, maar was ik genoeg hersteld om mevrouw Kalteren aan de klagen bij het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te Zwolle. Om te onderzoeken of ik mevrouw Kalteren Tuchtrechtelijk zou kunnen vervolgen, besloot ik in september 2015 de STECR Werkwijzer Arbeidsconflicten versie 5 te bestellen. Helaas bleek dat per oktober 2014 een nieuwe versie 6 was uitgekomen, waarmee versie 5 was komen te vervallen en niet meer werd verkocht. Ik vond dit raar, temeer medische dossiers vijftien jaar dienden te worden bewaard en een patiënt tien jaar de tijd zou hebben om een BIG geregistreerde zorgverlener bij het Tuchtcollege aan te klagen. Ook al had ik niet de beschikking over de STECR Werkwijzer, toch besloot ik mevrouw Kalteren aan te klagen, omdat ik het vermoeden had dat ik gedurende de procedure meer te weten zou komen.

Hoewel ik in mijn klaagschrift meerdere klachten tegen mevrouw Kalteren had opgesteld, waren mijn voornaamste twee klachten, dat een onderbouwing ontbrak bij de door haar gestelde diagnose en dat zij verwijtbaar een foutieve diagnose had gesteld. In de bijlagen van mijn klaagschrift had ik medische rapportages van een UWV verzekeringsarts gevoegd. Hoewel deze rapportages meer dan een jaar na het beëindigen van mijn arbeidsovereenkomst waren opgemaakt, kon ik hiermee aantonen dat ik overspannen was geweest. Overigens had het UWV zich ook niet aan de regels gehouden, maar dat is een ander verhaal, waarover u in de nabije toekomst ook meer kunt lezen op deze website.

Mevrouw Kalteren beweerde in haar verweerschrift, dat zij zich netjes aan de STECR Werkwijzer Arbeidsconflicten had gehouden. Het “bewijs” hiervoor was de door haar opgestelde medische kaart uit haar dossier, dat zij in de bijlagen van haar verweerschrift had gevoegd, evenals het opdrachtformulier van de arbodienst (De Verzuimoplosser te Veenendaal), die mevrouw Kalteren had ingeschakeld. Op deze medische kaart stond onder meer, dat mevrouw Kalteren mediation zou hebben geadviseerd, terwijl dat niet in het spreekuurverslag stond.

In mijn repliek haalde ik onderstaand citaat aan, dat de kern samenvatte van mijn arbeidsconflict. Het was door Tineke Schaap van De Verzuimoplosser in opdracht van mijn werkgever geformuleerd en stond in de opdracht aan mevrouw Kalteren:

“Besproken dat huidige werksituatie onherstelbaar beschadigd is en dat er geen andere functie beschikbaar is bij WG. Er wordt een beëindigingsvoorstel besproken waarvoor WN bedenktijd krijgt. WG geeft aan dat volgens de richtlijn STECR de 2 weken bedenktijd/time out as. woensdag voorbij is en dat verlenging van deze periode niet bespreekbaar is. Graag beoordeling of het verzuim ten gevolge is van ziekte en/of gebrek en, mocht dit verzuim niet ten gevolge van ziekte en/of gebrek zijn, WN graag wijzen op de wettelijke verplichtingen in het kader van de richtlijn STECR.”

Volgens bovenstaand citaat was mevrouw Kalteren middels de opdracht op de hoogte gebracht van de ernst van het arbeidsconflict, waarbij zowel mijn gezondheid als mijn baan op het spel stonden. De wijze waarop zij haar rol zou vervullen, zou grote gevolgen voor mij hebben. Overigens staan in bovenstaand citaat diverse fouten, die tevens een alarmbel voor mevrouw Kalteren hadden moeten zijn. De grootste fout is, dat mijn werkgever na mijn ziekmelding mij een beëindigingsvoorstel (vaststellingsovereenkomst) had gedaan, terwijl mijn werkgever na mijn ziekmelding volgens de wet een bedrijfsarts had moeten inschakelen! Hieruit valt de conclusie te trekken, dat mijn werkgever zich jegens mij misdroeg en mevrouw Kalteren mij in bescherming had moeten nemen, temeer daar de “werksituatie onherstelbaar beschadigd” was.

In mijn repliek had ik tevens aan de hand van diverse e-mails aangetoond, dat mijn werkgever voor een schamele vergoeding mijn arbeidsovereenkomst middels een vaststellingsovereenkomst wilde beëindigen. Een belangrijk citaat uit een e-mail van personeelszaken was:

“Er is een conflict en daar moet in overleg een oplossing voor worden gevonden.

Graag wil jij in overleg met je advocaat over de volgende stappen en eventueel een second opinion aanvragen bij het UWV.

Aangezien er geen sprake van ziekte is, zal het werk weer moeten worden hervat, maar je neemt tot en met volgende week woensdag vakantiedagen op.”

Hoewel mevrouw Kalteren niet de beschikking had over bovenstaande e-mail, had zij aan de hand van het opdrachtformulier van De Verzuimoplosser en door de juiste vragen aan mij te stellen kunnen vaststellen, dat het arbeidsconflict dermate ernstig was, dat er geen enkele reden was om mij terug aan het werk te sturen. Maar zoals ik al eerder had geschreven, had mevrouw Kalteren mij niets gevraagd over het arbeidsconflict en was het gesprek binnen drie minuten afgelopen. Dat mevrouw Kalteren mij ook niets over haar conclusie van haar “onderzoek” had verteld, valt op te maken uit een bericht dat zij op mijn voicemail had ingesproken, nadat zij mijn klaagschrift via het Tuchtcollege had ontvangen. In dit bericht had zij onder meer ingesproken:

En… ik had… nou misschien jammer euh… dat u niet toen gelijk even opnieuw bij mij teruggekomen bent om: ”Hó, hé eh… ben het hier niet mee eens of kunnen we een gesprek hebben of euh… eerwat”

Had zij mij wel haar conclusie verteld, dan had ik haar daarop kunnen antwoorden, dat ik het niet met haar conclusie eens was.

Met behulp van het verweerschrift van mevrouw Kalteren had ik nieuwe en zeer belangrijke informatie gekregen. Deze informatie had ik verwerkt in mijn repliek, zodat ik mijn klachten beter kon onderbouwen en tevens had uitgebreid.

Het dupliek van mevrouw Kalteren bevatte geen nieuwe bewijzen. In het dupliek bleef mevrouw Kalteren in alle toonaarden ontkennen dat zij fouten had gemaakt. Zo beweerde mevrouw Kalteren na het spreekuur geen contact meer met mij en mijn werkgever te hebben gehad, omdat zij ervan was uitgegaan dat het arbeidsconflict was opgelost. Bovendien was er volgens haar geen aanleiding geweest voor verder contact, omdat ik arbeidsgeschikt was en daarom haar taak erop zat. Hoe kon het arbeidsconflict zijn opgelost, terwijl in haar opdracht stond vermeld, dat de werksituatie onherstelbaar was beschadigd? In deel 6 zal het u duidelijk worden, dat mevrouw Kalteren volgens de STECR Werkwijzer Arbeidsconflicten nog diverse taken had uit te voeren, zodat haar taak er na het enkele spreekuurbezoek er niet op had kunnen zitten. Mevrouw Kalteren verkondigde hier dus aantoonbaar leugens.

In haar dupliek was mevrouw Kalteren van mening dat zij tijdens het spreekuur mij wel had geïnformeerd over de STECR Werkwijzer Arbeidsconflicten. Ook beweerde zij dat deze werkwijzer geen formele richtlijn was. Verder beweerde mevrouw Kalteren dat zij mij had geadviseerd met mijn werkgever in overleg te gaan, eventueel met een onafhankelijke derde. Dat zij dit advies zou hebben gegeven, kon zij helemaal niet bewijzen en deed ook niet ter zake, daar het niet als advies in de spreekuurrapportage stond vermeld. Als klap op de vuurpijl had mevrouw Kalteren geconstateerd dat ik boos was en daardoor geen behoefte meer had aan een gesprek, terwijl zij juist van mening was dat ik de dialoog open had moeten houden om tot een oplossing te komen.

Om te bewijzen dat ik ten tijde van het spreekuurbezoek aan mevrouw Kalteren niet alleen in een arbeidsconflict verzeild was geraakt, maar ook nog eens overspannen was en daardoor te ziek was om te werken, had ik halverwege januari 2016 mijn medisch dossier bij mijn huisarts opgevraagd. Naar aanleiding van mijn arbeidsconflict en overspanning had ik op 30 juli 2012 mijn huisarts bezocht. Mijn huisarts had onderstaande aantekeningen gemaakt naar aanleiding van mijn bezoek:

“WA probl op het werk met directe chef. Speelt al >een jaar. Nu ieets geknakt, kan niet meer met dieman verder werken, heeft zich ziek gemeldVertel t verhaal rustig, maar spanningen zijn merkbaar. Lippen en wanggen

Probleem met werksituatie

Contct bedrijfsarts, geasprek personeelszaken”

Volgens de aantekeningen van mijn huisarts, had deze duidelijk spanningen bij mij opgemerkt en had ik haar verteld dat het arbeidsconflict reeds meer dan een jaar speelde.

DE TWEE ZITTINGEN

De terechtzitting vond plaats op 13 mei 2016 in het Gerechtsgebouw te Zwolle. Mevrouw Kalteren werd bijgestaan door de advocaat de heer Pascal Willems van WVO Advocaten te Loenen. Hoewel aan het einde van de terechtzitting door de voorzitter werd verteld, dat rond een bepaalde datum de beslissing van het college in het openbaar zou worden uitgesproken, liep het anders. Rond 21 mei 2016 ontving ik een brief van het secretariaat van het Tuchtcollege, waarin mij een kopie was gestuurd van een brief, die aan de advocaat van mevrouw Kalteren was gericht. In deze brief werd aangegeven dat werd afgeweken van de procedure “Reglement van de Regionale Tuchtcolleges voor de Gezondheidszorg”, door toepassing van artikel 13. In artikel 13 staat onder lid 1:

“Indien de omstandigheden van het geval daartoe aanleiding geven, kan de voorzitter van dit reglement afwijken.”

In de brief aan de heer Willems werd aangegeven, dat het college zo mogelijk in het bezit wenste te komen van de (eventueel) door mevrouw Kalteren gemaakte originele aantekeningen van het spreekuurcontact. Na het overleggen van het gevraagde stuk werd ik in de gelegenheid gesteld op dit stuk schriftelijk te reageren. Daarna zou de voorzitter een beslissing nemen omtrent het verdere verloop van de procedure, waaronder zo nodig een wijziging van de uitspraakdatum.

Begin juni 2016 ontving ik de stukken van mevrouw Kalteren via het Tuchtcollege. Het ging om een uitdraai van haar digitale agenda op de dag van het spreekuurbezoek en de aantekeningen die zij zou hebben gemaakt tijdens het spreekuurbezoek. Nu ik mocht reageren op de aantekeningen van mevrouw Kalteren, had ik niet alleen de mogelijkheid de door mevrouw Kalteren gegeven tegenstrijdigheden grondig aan de kaak te stellen, maar tevens de kans om aan te tonen, dat zij zich niet aan de te volgen richtlijnen had gehouden. Na wat te hebben rondgebeld, lukte het mij uiteindelijk toch om de STECR Werkwijzer Arbeidsconflicten versie 5 in bezit te krijgen, ook al was deze oude versie niet meer verkrijgbaar.

Nadat ik de werkwijzer had bestudeerd, kwam ik er achter, dat mevrouw Kalteren zich totaal niet aan de werkwijzer had gehouden en daardoor zwaar in gebreke was gebleken. Omdat volgens het opdrachtformulier aan mevrouw Kalteren de “huidige werksituatie onherstelbaar beschadigd” was en “geen andere functie beschikbaar” was, was ik in ieder geval situatief arbeidsongeschikt. Dit betekende dat mijn werkgever in overleg met mij voor outplacement (tweede spoor) zou moeten gaan zorgen of in overleg op een nette manier de arbeidsovereenkomst zou kunnen proberen te beëindigen, mits ik niet ziek zou zijn. Gezien mijn situatie had mevrouw Kalteren volgens STECR en LESA moeten onderzoeken in hoeverre ik overspannen / burnout zou zijn. Had zij haar werk netjes gedaan, dan was ik in de ziektewet terecht gekomen, waarbij mijn werkgever voor mijn herstel had moeten betalen.

In mijn reactie had ik de door mevrouw Kalteren gegeven tegenstrijdigheden aan de kaak gesteld, opgesomd wat zij volgens de STECR Werkwijzer had moeten doen en mijn klachten aangepast.

Half juli 2016 ontving ik een brief van het secretariaat van het Tuchtcollege met de mededeling, dat op 4 oktober wederom een zitting zou plaatsvinden. Het college wilde mevrouw Kalteren diverse vragen stellen over de door haar overgelegde stukken. De belangrijkste vragen, die aan mevrouw Kalteren op de zitting werden gesteld, gingen over de inhoudelijke verschillen tussen de tijdens het spreekuur door haar gemaakte aantekeningen en de rapportage, die zij voor de medische kaart (dossier) had gemaakt. Ik vond het opvallend, dat mijn schriftelijke reactie op de aantekeningen van mevrouw Kalteren tijdens deze zitting volledig werd genegeerd. Verder viel het mij op dat een lid van het college, de heer Dute, een ontevreden gezicht trok en geen enkele vragen stelde, terwijl hij de eerste zitting wellicht de meeste vragen had gesteld en een heel ander gezicht had.

Op 18 november 2016 werd in het openbaar door het college uitspraak gedaan: mijn klacht was geheel afgewezen! Tijdens het lezen van de beslissing werd mij duidelijk waarom het college die extra zitting van vier oktober had ingelast. Deze zitting had tot doel, dat het college de versie van mevrouw Kalteren voor waar kon aannemen, met de argumentatie, dat het college de versie van mevrouw Kalteren had onderzocht door haar vragen te stellen op die extra zitting. Feitelijk had het college de versie van mevrouw Kalteren “onderzocht”, door enkel haar versie van het verhaal aan te horen. Mevrouw Kalteren probeerde aan de hand van haar tijdens het spreekuurbezoek gemaakte aantekeningen en het door haar gemaakte verslag voor de medische kaart haar versie van het verhaal te “bewijzen”. Feit is, dat zij de gegevens op haar medische kaart op ieder moment had kunnen samenstellen, dus ook enkele jaren later, na het ontvangen van mijn klaagschrift. In de beslissing werd met geen enkel woord gerept over het feit, dat het belangrijkste document, de spreekuurrapportage, totaal niet deugdelijk en tevens incompleet was, omdat aan de hand van deze spreekuurrapportage de werkwijze op geen enkele wijze kon worden getoetst! Dit was destijds ook de bedoeling van mevrouw Kalteren.

Bij de extra zitting had het college niet alleen mijn versie van het verhaal genegeerd, ook mijn schriftelijke reactie op de door het college opgevraagde stukken werd genegeerd. Ik vond dit destijds zeer bizar, daar ik netjes had aangetoond, dat mevrouw Kalteren zich niet aan de richtlijnen had gehouden. Indien de voorzitter van het college van de procedure mocht afwijken door een extra zitting in te lassen, dan mocht hij zeker mijn reactie in de procedure meenemen. Helaas bleek waarheidsvinding niet de bedoeling van deze extra zitting, waardoor ik het ontevreden gezicht van de heer Dute begreep: hij wist dat de extra zitting een schijnvertoning was met het doel om mijn klachten jegens mevrouw Kalteren geheel af te wijzen.

Om de beslissing van het college voor buitenstaanders toch geloofwaardig te maken, waren de twee belangrijkste punten van mijn versie van het verhaal niet terug te vinden in de beslissing. Volgens mijn versie had het spreekuurbezoek maximaal drie minuten geduurd en had mevrouw Kalteren de door haar gegeven “informatie” van de medische kaart grotendeels gehaald van medische rapportages van het UWV, die ik in de bijlagen van mijn klaagschrift had gevoegd. Volgens mijn versie had mevrouw Kalteren dus ook nog eens valsheid in geschrifte gepleegd! Naast het weglaten van bovenstaande twee punten, werd in de beslissing met geen woord gerept over mijn schriftelijke reactie, waarin ik had aangetoond dat mevrouw Kalteren zich totaal niet aan de STECR Werkwijzer Arbeidsconflicten had gehouden. Tevens had het college in de beslissing verzuimd op essentiële punten een onderbouwing te geven en gaat hierdoor voorbij aan de motiveringsvereiste. Dat het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg de versie van mevrouw Kalteren voor waar had aangenomen, mijn versie had genegeerd en op essentiële punten geen onderbouwing had gegeven, is klassenjustitie optima forma, dat past in een dictatuur!

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s